Aan alle heiligen

N.a.v. Efeziers 3:18

'Aan alle heiligen'
Zo begint Paulus zijn brieven vaak: 'Aan de heiligen'. Wat een visie op de gemeente spreekt daaruit!

Hoe zit u 's zondags in de kerk? Ziet u die man, twee banken naar voren, keurig geschoren, strak in het pak? Daar zit een heilige! En die vrouw, met dat exact bij haar kleren passende hoedje, is ook een heilige. En daar vooraan zit nog een heilige: die jongen met die moderne stonewashed spijkerbroek en streepjes overhemd. God roept elke zondag al Zijn heiligen bijeen!

Die uit volle borst meezingende man, dat meisje dat tijdens het intochtslied op de kerkbank klimt om met vader mee te lezen, die jonge vrouw met dat rose blousje, opgestoken haar. Zoveel verschillende mensen.....En elk is speciaal door God geroepen een heilige te zijn. Uit al die millioenen mensen die hier op aarde rondlopen, heeft God zijn oog op een ieder van hen afzonderlijk laten vallen. Elk van hen is door God geliefd; al die mensen zijn in God volmaakte mensen.

Wat voor een machtige God is dit? Wat is dit voor een liefde?

Paulus schreef dat we alleen 'samen met alle heiligen' kunnen leren welke de breedte, lengte, diepte en hoogte van deze liefde van Christus is (Ef. 3:18). Wat een realiteit! Al die verschillende heiligen leren mij elke zondag hoe bijzonder die liefde van God is. Die 'breedte, lengte, diepte en hoogte' worden dan wel heel letterlijk:

Christus' liefde is breed genoeg, om al die verschillende mensen te omvatten;
lang genoeg om elke zondag, week na week, maar weer voort te duren;
diep genoeg om zelfs de meest gebroken mens te bereiken;
en hoog genoeg om ons tot aan de voeten van de Vader in de hemel te brengen.

Daar zijn wij voor de troon van de Heilige, daarom zijn wij allen heiligen.

Kernkatern Hervormde Gemeente Huizen, Juni 2004